
De kwaliteit van ons kleuteronderwijs staat onder druk, en dat is niet schuld van onze kleuterjuffen en –meesters. Wel van de context waarin ze moeten werken. Om elk kind maximaal de kans te geven om zich te ontwikkelen, lanceren we een Kleuterplan. Centraal daarbij is de kindratio in het kleuteronderwijs waarbij we mikken op een maximum van tien kleuters per begeleider. Dat zal uiteraard niet van vandaag op morgen gebeuren: het gaat om een ambitieus doel, een moonshot dat stapsgewijs kan behaald worden op een termijn van 10 jaar.

Het gaat niet goed met het Vlaamse kleuteronderwijs. In het onlangs gepubliceerde IELS-onderzoek scoren onze 5-jarigen slechter dan gemiddeld bij de deelnemende landen op zowel wiskunde als taalvaardigheden. In geen van de onderzochte landen is de sociale kloof in het kleuteronderwijs zo groot als bij ons. Kleuters krijgen niet de ondersteuning die ze nodig hebben, niet de kwetsbare kleuters, noch de kleuters die bijkomende prikkels aankunnen.
Dat ligt niet aan onze kleuterleerkrachten. Vlaanderen heeft goed geschoolde en ervaren kleuterleerkrachten: liefst 88 procent heeft een bachelordiploma, tegenover gemiddeld 50 procent in vergelijkbare EU-landen.
Het echte probleem zit elders: onze kleuterklassen zijn te groot en de ondersteuning schiet tekort. Uit onderzoek blijkt dat er in Vlaamse kleuterklassen gemiddeld meer kinderen per klas zitten dan in andere Europese landen.
Wat het aantal ondersteuners per kind betreft is de situatie simpel ondermaats: per kinderverzorger in de kleuterschool zijn er bij ons maar liefst 88 kleuters, tegenover een gemiddelde van 23 in andere landen. Grotere klasgroepen met te weinig begeleiding leiden tot slechtere leerprestaties.
Bovendien geven Vlaamse kleuteronderwijzers in het TALIS-onderzoek aan dat een belangrijk deel van hun werkweek niet naar ‘direct contact met de kleuters’ gaat, maar naar administratieve overlast en praktische taken.

“Vandaag zijn er soms klassen met wel 30 kleuters voor één kleuterjuf of –meester.
In die context is het onmogelijk goed werken voor een leerkracht. We hebben extra handen nodig in de klas,” zegt Vlaams parlementslid en onderwijsexpert Loes Vandromme.


Sammy Mahdi vat het samen: “Onze eerste levensjaren zijn vormend voor de rest van ons leven. Dat geldt ook voor onze tijd in het kleuteronderwijs. Net daarom is investeren in jonge kinderen misschien wel de belangrijkste investering die we als samenleving kunnen doen. Tijd en aandacht geven aan de allerkleinsten levert niet alleen vandaag iets op, maar een leven lang. Als gezinspartij geloven wij dat elk kind recht heeft op nabijheid, zorg en kansen vanaf de eerste schooldag. Wie gezinnen echt wil ondersteunen, moet ook investeren in sterke kleuterklassen en voldoende ondersteuning. Onze leerkrachten willen niet liever dan het beste bovenhalen in onze kinderen, we moeten hen daarbij helpen”
